Soefi Museum

Stichting Soefi Museum Pir-o-Murshid Musharaff Khan

 

Saïda van Tuyll - eerste ontmoeting

In Januari 1921 kregen mijn ouders in Rotterdam een brief van een kennis van ons, Mejuffrouw Kerdijk uit Amsterdam, die ons vroeg of we een filosoof uit India wilden ontvangen, die hier in Holland lezingen wilde geven en of we hem te logeren konden hebben. Ze wist dat een jaar te voren ook Rabindranath Tagore in ons huis gelogeerd had en dacht dat we deze Indiër dan ook wel zouden willen ontvangen. Ze wist niets naders over deze Inayat Khan, had nooit van hem gehoord, maar het verzoek om onderdak bij families te zoeken was haar per brief gedaan vanuit Zwitserland. Dit was Murshids eerste reis naar Nederland. Ik was toen nog niet getrouwd en woonde toen nog bij mijn ouders. Daar we juist thuisgekomen waren van een langdurige reis in Zuidelijke landen en het plan hadden in de eerstkomende maand weer voor jaren op reis te gaan, was ons huis niet in de geëigende toestand om gasten te logeren en vroegen we haar moeite te doen, om voor deze Indiër elders onderdak te vinden. Maar ziet, het zou toch anders lopen.
Murshid kwam uit Zwitserland, waar hij een korte tournee gemaakt had, direct met de trein naar Rotterdam.
Een Hollandse verpleegster, Mevrouw Corrie Smit, die in Zwitserland mureed was geworden, vergezelde hem. Aan het Maasstation in Rotterdam aangekomen, was er niemand aanwezig om Murshid af te halen. Murshid wist geen naam of adres van de familie waar hij verwacht werd. Hij vond in zijn zakboekje alleen het adres van mijn ouders. Mevrouw Smit belde ons op en mijn vader zei: ”Neem maar dadelijk een taxi en kom naar ons huis.” Zo gebeurde het, dat Murshid plotseling voor ons stond, een indrukwekkende figuur, stil, machtig en ik zou zeggen, hartelijk. We waren juist thuisgekomen van een verblijf van 7 maanden in Zuid Marokko en waren gewend aan de vorstelijke, maar vriendelijke waardigheid van de Oosterse Kaïds, maar deze Inayat Khan was weer heel iets anders. We wisten niet eens tot welke godsdienst hij behoorde. Het was het uur van de koffiemaaltijd en aan tafel werd gevraagd naar zijn geboorteland en godsdienst.
Tot onze grote vreugde bleek dit een echte Soefi te zijn. Mijn moeder had n.l. een cursus gevolgd over de oude Soefi dichters uit Perzië en had ons altijd aangespoord over die Soefi dichters te lezen. Ja, in Marokko hadden wij herhaalde malen geïnformeerd of daar geen Soefi’s waren, maar we vonden er geen. En nu, daar was de echte Soefi die we gezocht hadden. Murshid gaf die avond een lezing in de Theosofische Loge. We gingen er heen maar het trof ons niet bijzonder. Het contact was reeds gelegd en dát was dieper en van meer waarde dan alle woorden van de korte toespraak.